Nederlandsch-Indië, 1946 t/m 1949
Brieven van een Nederlandse soldaat- Een duik in de oude doos


28.9.02  

Het intrigeerde me ineens wat de rol van mevrouw Spoor was destijds en bij "Veteranen online" vond ik wat meer informatie over mevrouw Spoor en een fotootje:

Uit:
WAPENBROEDERS 17 maart 1949

Mevr. Spoor bericht naar huis.

Het telegram
In geval van ernstige ziekte of levensgevaarlijke verwonding zendt de M.G.D. direct een telegram naar de burgemeester van Uw woonplaats en deze op zijn beurt zorgt, dat ze thuis bericht over U krijgen. Dit telegram geeft de toestand weer, waarin de doktoren U bevonden, toen ge in het hospitaal werd binnengebracht en nadat zij U als levensgevaarlijk of ernstig ziek hebben gekwalificeerd.
Laten we even aannemen, dat U levensgevaarlijk ziek bent, het telegram aan de burgermeester luidt dus eveneens: Levensgevaarlijk ziek.
In deze toestand kunt U zelf natuurlijk geen aanvullend bericht naar huis sturen, dus Uw ouders hebben alleen de beschikking over het telegram van de M.G. D. Bovendien nemen we aan dat, om welke reden dan ook, niemand uit Uw omgeving snel zorgt, dat ze thuis nadere bijzonderheden vernemen.
Dodelijk ongerust Wanneer nu Uw toestand drie weken levensgevaarlijk blijft en daarna de verbetering Intreedt, wordt U op dat moment van de Levensgevaarlijke Ziekenlijst overgeschreven op de Ernstige Zieken-lijst. Weer gaat er een telegram over Uw toestand naar huis, het tweede officiële bericht ,dat ze thuis, In dit geval, drie weken na het eerste over U zouden ontvangen.
En zodra U van de E.Z.-lijst wordt afgevoerd, b.v. na twee weken, krijgen ze thuis weer bericht. Het zou kunnen zijn, dat U dan pas in staat bent om zelf nadere Inlichtingen naar huis te schrijven. Het is dus mogelijk, dat Uw ouders pas na vijf weken eindelijk precies weten, wat er met U gebeurd is. U kunt zich voorstellen wat ze thuis al die tijd zouden moeten doormaken, indien niet de echtgenote van de Legercommandant, Mevrouw Spoor, sedert de eerste Politionele Actie toen alle postverbindingen met Nederland verbroken waren, het initiatief had genomen om in deze lacune van berichtgeving te voorzien.

Regelmatig bericht
Anders gezegd, Mevrouw Spoor zorgt er persoonlijk voor, dat ze bij U thuis, niet zoals in bovenstaand geval vijf weken dodelijk ongerust behoeven te zijn, maar dat ze één a tweemaal per week van Uw toestand op de hoogte gebracht worden en dit net zo lang, totdat U van de E.Z.-lijst bent afgevoerd, en dus in ieder geval kwiek genoeg bent om zelf te schrijven.
De meesten van U hebben natuurlijk, òf zelf profijt gehad van het werk van Mevrouw Spoor, òf er wel eens van gehoord. Nochtans blijkt ons, dat er toch nog zijn, die hiervan niets afweten en zich dus zorgen kunnen maken of ze thuis wel voldoende Ingelicht zullen worden Indien hun Iets zou overkomen. Hoe doet Mevrouw Spoor dit nu, zult U wellicht afvragen.

Het systeem.
Wel, iedere dag krijgt zij Inzage va de L.Z.- en E.Z.-lijsten van de zijde van de M. G. D. en op een gegeven moment leest zij op de L.Z.-lijst Uw naam.
Indien U in Batavia opgenomen bent komt Mevrouw Spoor zich vermoedelijk persoonlijk van Uw toestand op de hoogte stellen, wanneer U elders ligt verzoekt zij één harer medewerkster of de dokter uit die plaats om haar over Uw toestand in te lichten Zodra nu Mevrouw Spoor nadere gegevens over U ontvangen heeft, zendt zij Uw ouders bericht, hetzij In haar radio uitzendingen, hetzij per telegram, hetzij per brief. Dit hangt natuurlijk van de omstandigheden af. Indien enigszins mogelijk, stuurt zij bericht per radio, want al sprekende kun je vaak wat meer vertellen. Tweemaal per week, Dinsdag en Vrijdagavond te 24.00 uur spreekt zij twintig á vijfentwintig minuten voor de microfoon In de uitzending naar Nederland. Een herhaling hiervan vindt de volgende ochtend tussen 6 en 7 uur plaats. In het Strijdkrachten Programma. Ook kunt U er van verzekerd zijn dat Uw toestand weergegeven wordt zoals die op het moment van de uitzending is, omdat even te voren de gegeven over U nogmaals op hun juistheid worden getoetst.

Dank zij Mevrouw Spoor.
Ge ziet wel, dat het onmogelijk is, da Uw geval niet onder de aandacht va Mevrouw Spoor zou komen, want onherroepelijk komt Uw naam in voorkomen geval op de L.Z.- of E.Z.-lijsten voor, die haar voorgelegd worden. In één week gaan ongeveer 50 á 60 berichten over de radio en gaan 55 á 60 brieven en 60 á 70 telegrammen uit en indien U even nadenkt, dan zult U zien, dat deze cijfers overeen moeten komen met het aantal levensgevaarlijke en ernstige zieken, die in één week in het Leger kunnen voor komen.
Het is daarom te danken aan Mevrouw Spoor, dat, indien U iets ernstigs zou overkomen, zij thuis volledig op de hoogte worden gesteld en ook op de hoogte blijven.


posted by Astrid | 1:07 a.m.


27.9.02  

“Serpong, 5-9-‘46

Beste Leen,
Hier is Serpong weer op dezelfde golflengte. Hoe staat het leven in Amsterdam, alles nog OK, of ben je nog steeds op reis. Hier is alles ook nog goed en eigenlijk weinig nieuws.
Gisteren heb ik nog een brief van thuis en een uit Zwolle en vanmiddag een uit Wormerveer gekregen. Louis schreef dat jullie weer gekeurd moeten worden, je doet je best maar hoor (om afgekeurd te worden). Maar als je soms nog eens naar dit prachtige eiland (want dat is het) komt, en je hebt het voor het kiezen, ga dan vooral niet in Batavia wonen, maar in Bandoeng. Zo’n rot stad als Batavia en een nog veel beroerdere bevolking heb ik nog nooit gezien, zelfs nog nooit van gedroomd. ’t Is er bovendien ontzettend heet en en vies en stoffig. De bevolking (uitzonderingen daargelaten) heeft hier zo’n air, dat je er misselijk van wordt en ze behandelen ons (militairen) als koelies, nog minder als in Bandoeng de Brits-Indiers behandeld worden. En dan te weten, dat de meeste van die stinkerds zich daar verrijkt hebben door middel van de inlanders en door corruptie. Als ze je op de pasar passeren, dan houden ze de zakdoek voor de neus. Als je dat ziet, dan voel je je ook zwaar belazerd hoor, maar dat schijnt volgens de oud-Indisch gasten in Batavia altijd al zo geweest te zijn en in andere steden is dat dan ook heel anders. Het is dan ook niet te verwonderen dat dat veel jongens naar de kroeg en naar bars gaan en zo. Ik ben dan ook wat blij dat ik er een behoorlijk eind vandaan zit. Van de week ben ik anderhalve dag naar Batavia met verlof geweest, ik heb me er gruwelijk lopen vervelen en ergeren aan alles en nog wat en was wat blij dat ik eindelijk weer terug kon, want hier, zo’n beetje in de rimboe voel ik me nog het beste thuis en ik heb het hier dan ook best naar de zin. De omgeving hier is prachtig en ik verwonder me dan ook iedere keer weer als we op patrouille zijn, dat er nog zulke mooie plekjes op de wereld zijn, want het is hier verdomd mooi.
Vanmorgen hebben we weer een actie gehad en hebben toen ook flink vuur ontvangen en beantwoord. De radioverbinding was vandaag weer prima, al hebben we veel te kampen met slecht en voor de tropen ondeugdelijk radiomateriaal. De bewapening hier is prima, wat het grote betreft, munitie is er plenty, maar de kleine dingetjes, zoals reservemateriaal voor de wapens, daar ontbreekt het nogal eens aan.
We doen hier ook allerlei werk, ook allerlei pioniers- en geniewerk, zoals bruggen bouwen, wegen herstellen enz. enz.



Genietroepen zijn er hier wel, maar die liggen in Batavia (om indruk te maken, aan het front zie je ze nooit, evenals de vermaarde Stoottroepen, die vooraan horen te zitten (daar zijn het Stoters voor) maar die in werkelijkheid in Batavia zitten. Voor rust, heet dat. Ze hebben namelijk eerst een paar maanden op Banka gezeten, dat echter zonder slag of stoot ingenomen is en ik geloof ook niet dat er ooit een schot gevallen is. Nu lopen zij wacht voor het paleis van Sharir en Van Mook. Enfin, zij liever dan ik. I-8 RI heeft op Java nog geen rust gehad en ik hoop maar dat we het ooit (tenminste in Batavia niet) krijgen ook, want het lijkt me hier beter.
Ik zal hier een krantenknipsel bij in doen, misschien interesseert je dat wel. Er stond hier een stuk in de krant gisteren van de aankomst van onze gewonde jongens in Nederland, die, toen ze van boord afgedragen werden, uitgescholden werden voor moordenaars en plunderaars en met stenen achterna gegooid werden. Heb je daar iets van gehoord? Als het waar is kan ik me niet voorstellen dat de regering daar niets aan doet, of is de nieuwe regering ook al zo slap? Als ze werkelijk zo slap zijn kun je nog wat beleven als al die bataljons terugkeren in Holland. Ik denk wel dat er dan even hevig geknokt zal worden. Hoe staat het met de Commissie op het ogenblik?
Verder is er hier niet veel nieuws meer. Tot schrijfs dus, good luck.
Je Ad
P.S. Vanmiddag is mevrouw Spoor, de echtgenote van de generaal hier nog geweest.



posted by Astrid | 11:59 p.m.


25.9.02  

Een krantenknipseltje waarin de acties die ook in de brief werden genoemd beschreven zijn:
" IN EN OM BATAVIA
Onze troepen zuiverden 21 augustus kampong Tjilongok in het gebied ten Westen van Tangerang en op 22 augustus Klapadoea en Tjibogo, terwijl wederom de kampong Sepatan werd doorzocht, waarbij een kist geweermunite werd buitgemaakt.
Bij deze acties en door een patrouille naar kampong Bangboe werden 250 Chinezen op hun verzoek naar door de Nederlandsche troepen beveiligd gebied geëvacueerd.
Tijdens den patrouillegang in het gebied rondom Batavia werden rampokkers gearresteerd en slagwapens in beslag genomen.
22 Augustus werd door onze troepen steun verleend bij een door Britsche troepen ten Noord-Westen van Buitenzorg uitgevoerde zuiveringsactie. Een groep gewapende terroristen werd uiteengeslagen."


De kampong

posted by Astrid | 1:08 a.m.
 

Oei, een met potlood geschreven brief, ik hoop dat ik alles nog kan ontcijferen…

“Serpong, 29-8-‘46

Beste Leen,

M’n pen heeft het begeven zodat ik nu maar met potlood moet schrijven. Zoals je ziet ben ik van Tangerang verhuisd naar Serpong, waar ik nu met 3 man + 2 sets gedetacheerd ben bij de de 2-de compagnie. Serpong ligt zo’n 20 kilometer ten zuiden van Tangerang en dit is dan ook de voorste post. Maandagmiddag zijn we hier aangekomen en dinsdagmorgen vroeg om 5 uur zijn we meegegaan met een patrouille, die om 2 uur afgelopen was. Daarna hebben we niets meer gedaan hier en ik denk ook wel dat het voor deze week weer afgelopen is. We hebben het de laatste 3 weken anders wel druk gehad hoor, dag in dag uit zijn we toen in actie geweest.
De omgeving is geheel gezuiverd, een goede duizend man TRI heeft hier zijn einde gevonden tegen 4 doden van ons en een stuk of wat gewonden. Verder hebben we 250 Chinezen bevrijd, een stuk of 10 geweren, 1 lichte mitrailleur , bergen munitie van allerlei soort en ontzettend veel slagwapens buitgemaakt. Onder de gesneuvelden bevonden zich heel wat Jappen.

De radioverbinding is gedurende alle acties prima geweest en heeft zonder gein veel eigen mensenlevens gespaard. Zo lagen we bijvoorbeeld verleden week dinsdag onder eigen mortiervuur en niets is er zo rot als onder eigen vuur te liggen, je voelt je dan door iedereen verlaten. Toch heb ik direct daarvan bericht doorgegeven en ogenblikkelijk werd het vuren dan ook gestaakt. Was de radio er echter niet bij geweest dan had je grote kans gehad, dat het hele zaakje in de soep gejaagd was. Maar ja, we hebben nu eenmaal met trouwens bijna alle acties ontzettend veel geluk gehad en dat moet je hebben. Als je er goed over nadenkt, kun je er met je pet niet bij, dat we maar zo weinig verliezen geleden hebben. ’t Is te hopen dat die Commissie-Generaal gauw samengesteld is, en ik denk wel dat er hier dan gauw iets anders zal gaan gebeuren.


Sharir

Sharir zal dan wel president worden van de republiek, maar daar boven staat dan toch weer een Hollander en ik vermoed, dat wij daar niet op achteruit zullen gaan. Dan het hele zootje van Jappen en terroristen opruimen en ik denk dat we over een jaar al een heel stuk verder zijn.
Ik begin Van Mook nu ook in een beetje ander licht te zien, en ik vermoed, dat het een verdomd lepe gozer is. Als de eerste divisie hier dan een poosje aan land is, zal het er wel gauw op los gaan van West naar Oost en en van Noord naar Zuid.
Generaal Spoor is weer hier terug, maar ik geloof dat hij zich meer bezighoudt met diplomatie dan met het leger. Zoals je misschien al weet (het is hier tenminste een publiek geheim) loopt de opperbevelhebber van de TRI rustig in Batavia rond en zit nogal veel met Spoor te smoezen. Ik ben werkelijk benieuwd naar de ontknoping van het Indonesische drama.


Generaal Spoor

De nieuwe regering in Nederland schijnt toch wel een beetje steviger in de stoel te zitten dan de oude. Zijn er ondertussen al NSB-ers en dergelijk gespuis vrijgelaten? Ik kan me voorstellen dat men dat niet neemt. ’t Zal nog wel erger worden, als de oud B.S-ers en K.P-ers terugkomen uit Indie, je moet ze er hier maar eens over horen. De meesten hebben eigen revolvers en ik vermoed wel dat ze nog eens dienst zullen doen in Holland.
Kom Leen, ik ga stoppen.
Het beste en tot schrijfs,

Je Ad.”

posted by Astrid | 12:52 a.m.


21.9.02  

"Tangerang, Java
4-8-'46

Beste Leen,

Je brief uit Maassluis van 24 juli heb ik ontvangen tegelijk met een brief van thuis. Het is nu Zondag en 'k heb nu mooi de tijd om terug te schrijven. Van de week hebben we het nogal druk gehad en ik ben nu ook een keer in actie geweest, alhoewel het niet van veel belang was. 's Morgens gingen we op stap met de wagen, aangezien de telefoonverbinding met een andere compagnie 20 kilometer verderop verbroken was. Halverwege, waar een peloton van 35 man in een tentenkamp ligt, stopten we. Alles stond daar net klaar om uit te rukken en in het midden ontdekte ik een oude opgewonden, zenuwachtige Chinees die vertelde, dat zijn dochtertje van zijn wagentje afgeschoten was zo'n 2 kilometer verderop.
Enfin, wij zijn toen ook meegegaan en een kilometer verder kwamen wij in stelling. Een honderd meter verderop zaten een paar zware mortieren van ons, die al gauw begonnen te vuren op grote afstand. Telkens als er zo'n granaat insloeg, zag je die zwarten opspringen en lopen, zoals ik nog nooit iemand heb zien lopen.
Een half uur later zijn we weer naar voren gegaan en eindelijk waren we geheel vooraan en ontdekten toen midden op de weg een bloedplas van dat kind, maar verder was er niets meer te zien. We hebben de hele omgeving afgezocht, maar het kind was nergens meer te vinden. Daar in de buurt waren ook de lijnen kapotgemaakt, die ze dwars over de weg gespannen hadden. Enfin, dat was gauw weer verholpen en een half uurtje later was de verbinding weer klaar.



Verder is hier de laatste weken nogal aardig gevochten en er zijn er dan aan onze kant ook weer drie gesneuveld. Van de tegenstanders zijn er echter meer dan 500 kapotgemaakt. Dat wil je misschien niet geloven, maar het is toch inderdaad zo, hoor, al lijkt het op het eerste gezicht wel wat fantastisch. Maar dat komt doordat zij meestal slecht bewapend zijn (alhoewel je er ook elitetroepen onder hebt, de zgn. T.N.I. (Tentara Nasional Indonesia)) en ook, omdat zij geen tactiek kennen, en velen niet goed gedisciplineerd zijn.

Verleden week ben ik meegeweest naar Tjililitan, waar een oud kameraad van me uit VII-3-R.I., die hier gesneuveld is, begraven werd met militaire eer. Ik kende die jongen nogal goed, aangezien hij in Naaldwijk woonde en we altijd gelijk met verlof gingen.
De post komt nu weer goed door en voorzover ik kan nagaan is tot nu toe alle post aangekomen, behalve die ene brief van jou naar Engeland. Maar misschien komt die ook nog wel eens want van de week kreeg ik een brief van Michael met mijn Engelse adres er nog op, die 3 maanden onderweg geweest was.
Van de Malino conferentie heb ik hier natuurlijk ook heel wat gehoord, maar ze lullen er veel te veel, volgens de meeste Hollanders in Indië.*

Verder is hier alles OK, alleen de laatste tijd een beetje last van dysenterie, maar daar kom je wel weer overheen. Voor de rest heb ik het hier best naar m'n zin hoor, gelukkig een hoop werk zodat ik me niet verveel. Verlof krijgen we hier niet, zodat ik er nog niet uit geweest ben, alleen dan voor dienst. Maar dat mag niet hinderen. Van de week is er weer wat materiaal aangekomen wat hard nodig is. Met een beetje geluk krijgen we nog twee wagens er bij ook. Dat kunnen we hebben hoor.
Nu, Leen, tot de volgende keer, welterusten (het is 10 uur) en tot schrijfs.

Je Ad

*De Malino Conferentie: in juli 1946 deden de Nederlanders op de Conferentie van Malino het voorstel om Indonesië, met uitzondering van republikeins gebied op Java en Sumatra, in deelstaten op te delen. Voor veel niet-Javaanse nationalisten was dit geen slecht alternatief voor Soekarno's republiek. Na de conferentie kon gouverneur-generaal Van Mook vanuit een sterkere positie aan de verdere onderhandelingen met de republikeinen beginnen.

posted by Astrid | 12:20 a.m.


20.9.02  

Nog wat details van het monument:



Hier is goed te zien dat de letters uit de namen zijn gebruikt om de zin "Op welke grond werden ze gelegd in vreemde aarde" te vormen.



Op de achterkant staat nogmaals dezelfde zin, met daarbij de Indonesische vertaling: "Atas dasar apa mereka di kebumikan di tanah asing"






Op "Gesprek van de dag"
schreef Josje naar aanleiding van de zoektocht op dit forum van eergisteren naar de herkomst van de tekst het volgende:
"Door Josje op vrijdag 20 september 2002 - 16:55
Ik vind het een mooie zin.
Naast een plaatsbepaling (waar?) vraagt het naar de motivatie.
Waarom zijn ze daar gesneuveld en was het hun dood waard? "


posted by Astrid | 10:02 p.m.


19.9.02  

Ik heb net Gert Dumbar, de ontwerper van het monument, aan de telefoon gehad, en ben een stuk wijzer geworden! De zin: "Op welke grond zijn zij gelegd in vreemde aarde" is speciaal voor dit monument gemaakt door de dichter Jan Eikelboom uit Dordrecht, zelf een Indië-veteraan. Dat de namen verspringen is bewust zo gedaan om onrust te symboliseren.
Op de achterkant van het monument (helemaal gemist, ik ga binnenkort dus nog terug om het te bekijken en foto's van te maken) staat dezelfde zin, maar ook vertaald in het Indonesisch (ben helaas vergeten te vragen of het in het Maleis uit die tijd of in het Bahassa is vertaald).

posted by Astrid | 4:32 p.m.
 

Ik ga er morgen toch maar een mailtje of een telefoontje naar de ontwerper aan wagen om erachter te komen waar die strofe, dat citaat, die zinsnede of hoe je het dan ook moet noemen vandaan komt, nu wil ik het weten ook!

Hier nog een foto- impressie van vanmiddag:


Het monument





Veteranen















Sobats: nog even napraten. Er zijn er steeds minder...

posted by Astrid | 12:58 a.m.
 



Vandaag was de onthulling van het monument waar ik het eerder deze week al over had, voor de gesneuvelde Haagse militairen (161 in totaal) in Indië tijdens de politionele acties. Ik ben tegen een uur of half twee even gaan kijken, dus de officiele onthulling heb ik gemist, maar misschien was dit nog wel veel interessanter, de gesprekken die ik opving, het monument wat ik even goed van dichtbij kon bekijken, de foto's die ik nu makkelijk kon maken, de veteranen waarvan ik sommige nog herkende omdat ze een paar jaar geleden op de begrafenis van m'n vader ineens aanwezig waren, ouwe sobats.... Flard van een gesprek wat ik opving: "Eigenlijk zijn ze voor niks gesneuveld, want we hebben toch Indië verloren". Ik kan dat wel een beetje begrijpen, maar ben het er absoluut niet mee eens. Juist doordat ik me er de laatste tijd erg in verdiep is me opgevallen dat de Hollandse militairen toch zeker ook veel goed werk hebben gedaan voor de Indonesische bevolking in die jaren. Ook dat is belangrijk, voor mij in ieder geval het belangrijkste.
Het monument zelf vond ik...een beetje ielig, eigenlijk, maar wel mooi sober.De namen zijn er verticaal ingegraveerd, waarbij gebruik is gemaakt van een letter van sommige namen die er in goudkleur uitgelicht zijn en horizontaal de volgende tekst vormen: "Op welke grond werden ze gelegd in vreemde aarde".
Ik heb me wild gezocht naar waar die tekst vandaan komt, maar kan het niet achterhalen helaas.

posted by Astrid | 12:25 a.m.


15.9.02  

Uit: Ik zal handhaven, weekblad van de eerste Mariniersbrigade in Indië.

Holder-de-bolder
nog tijdschriften op zolder?

De Voorlichtingsdienst ontving 27 postzakken met verouderde tijdschriften, die voorzien waren van het stempel van het Nederlandsche Rode Kruis. Deze machtige stroom oud papier was wel een tastbaar bewijs dat niet alle Nederlanders zich tijdens de oorlogsjaren aan de voorschriften van de Luchtbeschermingsdienst hebben gehouden en pas na de bevrijding hun zolder van waardeloze rommel zuiverden.
Onder het motto: "Voor onze jongens in Indië" heeft men het L.O.P. wel een heel onverdiende concurrentie aangedaan.
Hieronder volgt een greep uit de periodieken die onmogelijk gedistribueerd konden worden:



Leesboekje voor het Lager Onderwijs (Aap-Noot-Mies-Zus-Jet...), met aanvullende lectuur voor onze kleuters en aardige patroontjes voor figuurzagen.
Muziekboeken, belastinggidsen en telefoonboeken
Radiogidsen uit de vooroorlogse tijd van de AVRO en de NCRV
Bladen als:
"Wij jonge vrouwen"
"Libelle"
"De jonge vrouw"
"Moeder"
"De Huishouding"
"Woman and House"
Ook heel interessant waren de maandschriften voor Verloskunde. We wachten alleen nog op een speciale mariniers-editie.
En als klap op de vuurpijl: "VORMING", maandblad van de NSB voorzien van het stempel van het NRK en een serie boekjes over Sibbekunde in vlotte Mussertiaanse stijl.
Het overige is bij de onderdelen afgeleverd, nadat wij ons kantoor van pantserplaten hadden voorzien.

posted by Astrid | 11:51 p.m.
 

De omgeving waar alles zich in de brieven tot juli 1946 afspeelde op de kaart:

posted by Astrid | 2:17 a.m.


14.9.02  

Citaat uit de brief van 15 juli 1946:
Je hebt misschien in Holland wel gehoord of gelezen van de partijenhaat tussen de verschillende partijen onderling. ’t Gaat er in de binnenlanden en vooral in Djokja en Soerakarta heet aan toe onder leiding (als die nog stand heeft kunnen houden tenminste) van hier beruchte personen waaronder Tan Malaka, een van de grootste schurken, Soekarni en meer van die mooie lui. "

Naarstig speurwerk leerde me dat Soekarni en Tan Malaka Pemoeda-leiders waren. Tan Malaka is in 1922 nog kandidaat voor de tweede kamer voor de CPN in Nederland geweest, echter zonder resultaat.

Bron

posted by Astrid | 11:51 p.m.
 

Tangerang, Java
15-7-‘46

Beste Leen,

Zojuist heb ik je brief van 4-7 ontvangen. ’t Is bij jullie dus ook smoorheet. Zoals je hierboven ziet zijn we nu voor de vijfde keer binnen vier weken verhuisd en zitten we nu in Tangerang, ongeveer 30 km van Batavia af, het binnenland in. Gistermorgen zijn we om 10 uur uit Klender vertrokken met een colonne van over de honderd auto’s en tanks en kwamen hier om 1 uur aan. De weg van Batavia af hier naartoe is ontzettend slecht, vol met gaten en kuilen zodat we blij waren toen we hier aankwamen. Wij zijn hier zo goed als de eerste Hollandse troepen, zodat we nog heel wat werk opgeknapt moeten zien te krijgen.



Je had de binnenkomst in Tangerang mee moeten maken, man, de hele bevolking was uitgestroomd en overal werden we toegejuicht. Als je dat ziet en hoort kan ik me maar heel moeilijk voorstellen dat we Indië en in het bijzonder Java kwijt zullen raken. Eerst werden we hier gelegerd in een villa, maar daar moesten we vanmorgen weer uit, het was zeker te mooi voor ons, en nu liggen we in een school. Ik heb het weer goed getroffen, want we liggen hier in een school met 5 man, we hebben een radio, die lekker staat te spelen en zelfs een mooie tafel met 5 stoelen.
Voor wij hier kwamen zaten hier Ghurka’s uit Malakka. Een afdeling daarvan is hier gebleven tot vanmorgen en ik heb nog met verschillende van hen gesproken en er zijn reuze fijne kerels bij.


Ghurka (Brits-Indisch soldaat, jaren dertig)

Verleden week zijn we er ’s nachts op uit geweest naar Tjakoeng en Warinjenko, waar enige compagnieën van ons lagen en waar de telefoon niet meer werkte, zodat we er met de radio’s heengegaan zijn en zodoende een radioverbinding (draadloos) gemaakt hebben. Er is nog even geschoten, maar verder niets gebeurd.

Zeg Leen, ik weet niet of je m’n andere brieven al verbrand hebt, maar als dit niet het geval is, zou je ze dan willen bewaren tot ik terug kom? Misschien ga ik later nog wel eens een dagboekje of iets dergelijks samenstellen en dan staan daar de meeste gegevens in. Bewaar in ieder geval de nog komende brieven, als je wilt.

Je hebt misschien in Holland wel gehoord of gelezen van de partijenhaat tussen de verschillende partijen onderling. ’t Gaat er in de binnenlanden en vooral in Djokja en Soerakarta heet aan toe onder leiding (als die nog stand heeft kunnen houden tenminste) van hier beruchte personen waaronder Tan Malaka, een van de grootste schurken, Soekarni en meer van die mooie lui. In Bekassi, vlak bij Klender, is er door een van onze patrouilles nog zo’n schurk gevangen genomen, de naam ben ik echter vergeten.

Ik begin nu al aardig Maleis te leren, vooral door de Javaanse jongens, die bij ons in het kamp zijn en graag Hollands leren, zo gaat het dus over en weer.
Hoe is de toestand verder in Holland? Van thuis heb ik de laatste 2 ½ week niets meer gehoord, ’t zal hem wel in die adresveranderingen zitten. Wel heb ik van de week nog een krant ontvangen van 18 mei die 2 maanden onderweg geweest is, waar de verkiezingsuitslagen in stonden. Verder hoor je hier zo goed als niets uit Holland. Nou Leen, groet allen van mij en schrijf spoedig terug. Een stevig klauwtje van je broer, Aad.

posted by Astrid | 11:12 p.m.
 


De hongerende, zieke bevolking in de kampong.

posted by Astrid | 10:29 p.m.
 

Uit "De Haantjes in vogelvlucht" van Gerben Visser

Tangerang

De rust en veiligheid in Klender, Krandji, Oedjong, Menteng en in de hele Oostsector is hersteld. De dagelijkse zware patrouilles van de Haantjes hebben hun vruchten afgeworpen. De blanda's (Nederlanders) hebben bewezen dat ze het vertrouwen van de hongerende bevolking waard zijn en dus keert men terug naar huis en dagelijkse arbeid.
Half juli komt er alarm uit Batavia: "De Brits-Indiërs hebben Tangerang verlaten zonder ons in te lichten. Extremisten hebben daar gebruik van gemaakt. Ze steken de stad in brand en vermoorden de Chinezen.
Neem zo snel mogelijk maatregelen om het gehele bataljon 1-8 RI naar Tangerang te verhuizen, voordat het te laat is. Voor aflossing wordt gezorgd. Einde bericht."

posted by Astrid | 10:21 p.m.


12.9.02  

Klender, Java, 5-7-‘46


Beste Leen,

Gisteren heb ik je brief van 28 juni uit Zwolle ontvangen. Zojuist was ik in de cantine en kon ik dit papier kopen, zodat ik nu weer een beetje behoorlijk papier heb. De post uit Holland vandaan schijnt niet erg door te komen de laatste tijd, want Moe schreef, dat ze al heel wat kranten gestuurd heeft, maar ik heb nog niets ontvangen. Ik denk dat het komt doordat we in die veertien dagen dat we nu hier zitten, al 4 keer verhuisd zijn. Enfin, ik zal je eerst even het voornaamste nieuws schrijven. Zoals je al weet, hebben we eerst in Priok gezeten, 2 dagen en zijn toen verhuisd naar Meester Cornelis, waar we 9 dagen gezeten hebben. Twee dagen voor ons vertrek vandaar werd ons medegedeeld dat we naar Bandoeng zouden gaan. ’s Morgens vlak voor het vertrek werd echter bekend gemaakt, dat de vliegraid niet doorging en dat we met de helft van onze compagnie ingedeeld zouden worden bij I-8 R.I. bij Klender.
Daar werden we gedetacheerd in een heel oud landhuis, waar ik twee dagen gezeten heb, waarvan een dag op wacht. Gisteren werden we verder ingedeeld en kwam ik eindelijk terecht waar ik al die tijd moeite voor gedaan heb, namelijk bij de verbindingsdienst voor opleiding tot telegrafist. Geluk gehad dus.



Ik was net een half uur in de tent hier, toen ik iemand hoorde zeggen, dat hij wel wilde dat er een Maassluizer in I-8 R.I. kwam. Ik er direct op af en toen zat daar Gert van der Hoest uit Maassluis, die hier als chauffeur is. Ik had helemaal niet gedacht hier nog een Sluizer aan te treffen, daar dit bataljon geheel bestaat uit mannen van de Veluwe. Maar hij is daar ondergedoken geweest en zodoende van de B.S. (Binnenlandse Strijdkrachten) daar meegegaan naar I-8 R.I.
Hij heeft al vier maanden op Malakka gezeten en zit nu al weer maanden hier.

In het begin vond ik het beroerd dat ons bataljon uit elkaar ging, want ik zit nu als enige van onze compagnie hier bij de verbindingsdienst, maar achteraf bekeken ben ik blij toe, want die Veluwenaren (hun bijnaam hier is bloedduivels) zijn reuze toffe jongens, die veel voor elkaar over hebben en ons van alles op de hoogte stellen en overal mee helpen.
Zij zijn ook al verschillende keren in actie geweest o.a. ook bij en in het beruchte Bekassi, waar wij nu vlakbij zitten.
Ik draag nu ook op m’n mouw het teken van de Veluwe, nl, een blauw patje met een witte kip en daarboven het woord VELUWE.


Ik voel me al een hele Veluwenaar, dat begrijp je. Er zitten hier ook heel wat Barnevelders.

De voeding en verzorging is hier werkelijk af. Wat dat betreft heb ik het zolang ik in dienst ben nog niet zo goed gehad als hier. De voeding in Priok en Mr. Cornelis was, vergeleken bij hier, hopeloos. ’s Middags en ’s avonds kreeg je altijd dikke soep uit blik, waar ongeveer net zo’n smaakje aanzat als van de gaarkeukensoep op het laatst van de oorlog in Nederland.
Hier hebben we voor het eerst ook rijst gehad en 2 maal nasi goreng (Indonesische rijsttafel, sterk gekruid enz.), smaakt heel goed, maar je moet wel even wennen, de vlammen slaan soms je keel uit.



Toen we bij I-8 RI kwamen kregen we al direct een…veldbed, een soort draagbaar, zodat je je wel kunt voorstellen dat we, na de stenen van Mr. Cornelis nog nooit zo lekker hebben geslapen als hier. Verder werd er toen we aankwamen direct voor gezorgd, dat er koffie kwam. Je kunt je wel voorstellen, dat zo’ verzorging je goed doet, na al die tijd belazerd te zijn met veel dingen, zoals die sigaretten op de boot en dat was dan nog maar een kleinigheid.

Die grote brief die je me gestuurd hebt, heb ik tot m’n spijt niet ontvangen. Van Gerrit en Louis heb ik al 2 maanden niets gehoord, die post zal wel zoekgeraakt zijn.
Het klimaat hier valt me ontzettend mee. ’s Avonds is het heerlijk weer en tegen de morgen is het zelfs een beetje koud.
Indie is inderdaad een verdomd gevaarlijk land voor ons, wat de vrouwen betreft. Er is nu, na de Japanse bezetting zeker 98% van de vrouwen wat wij noemen rot. Ook vele Hollandse meisjes en vrouwen zijn door die gore, nu steeds glimlachende en groetende Jappen, gebruikt en niet zuiver meer. Als je hier dan ook eens wat oploopt kun je in de meeste gevallen je testament wel opmaken, want de gevolgen zijn hier heel wat erger dan in Holland. Veel tijd echter om in de gelegenheid te komen en met vrouwen om te gaan, hebben we gelukkig niet, want we hebben slechts 1 avond op de 4 vrij, dan vertrek je 6 uur ’s avonds uit het kamp en kom je tegen kwart voor 7 in Batavia, waar je dan om 9 uur weer vandaan moet wil je op tijd binnen zijn.
Op de Willem Ruys waren er (schrik niet!) 3 dominees . Onze eigen veldprediker is vertrokken naar Semarang met de kernachtige afscheidswoorden: “Kijk uit, jongens, dat je hier niet naar de bliksem gaat.”
Misschien heb je in Holland wel gehoord of gelezen dat Sharir ontvoerd is geweest. Dat is gedaan door een stel jongens, maar de pret duurde maar een dag, toen kwam mijnheer hier weer per vliegtuig terug.

Overigens is de Hollandse bevolking in Batavia me hard tegengevallen, want ze kijken je met de nek aan en voelen zich waarschijnlijk tegenover ons nog steeds de toean besar (grote meneer).

Nou Leen, om drie uur begint m’n dienst weer, dus ga ik stoppen. Ontvang de hartelijke groeten van Gert en een handdruk van mij.
Tot schrijfs dus.

Je broer,
Ad

posted by Astrid | 11:22 p.m.
 

Beter laat dan nooit...

Gedenkteken voor Indiëgangers

Na Rotterdam, Delft, Zoetermeer, Dordrecht en Leiden krijgt ook Den Haag een gedenkteken voor de in voormalig Nederlands-Indië en Nieuw Guinea gesneuvelde militairen.

Het gedenkteken komt te staan tegenover het Indisch Monument op het gazon aan de waterpartij in het Westbroekpark.


Indisch Monument 1942-1945


Het gedenkteken bestaat uit een plaat van donkergrijs hard gepolijst natuursteen, waarin de ongeveer 160 namen van de gevallenen worden gegraveerd. Het ontwerp is van G. Dumbar. De gedenkplaat krijgt een lengte van acht meter en een hoogte van één meter. De kosten worden geraamd op 120.000 gulden. B en W van Den Haag wil dit door de gemeente laten betalen.


Op deze plaats zal het monument komen te staan, de bekisting staat er al zag ik vanavond. Woensdag 18 september om 11.30 uur a.s. zal het monument onthuld worden door burgemeester Deetman van Den Haag.
Het plaatsen van het monument is een gezamenlijk initiatief van de Bond van Wapenbroeders, afdeling Den Haag en de Vereniging oud-militairen Indië en Nieuw-Guinea-gangers.

posted by Astrid | 5:53 p.m.


10.9.02  

"Batavia, 26-6-'46

Beste Leen,

Zoals je ziet zitten we nu op Java en vlak bij Batavia, namelijk in Meester Cornelis. Je brief van 1-6 heb ik vorige week vrijdag in Tandjong Priok ontvangen tegelijk met een brief van thuis, waarvoor mijn hartelijke dank. Heb je m'n brieven uit Port Said en Priok al ontvangen?
We zijn vorige week donderdag in Tandjong Priok aan land gegaan, een half uur nadat de boot aangelegd had.


Debarkatie te Tandjong Priok

Op de kade stonden al cantine-en transportwagens te wachten. Zodra we van boord af waren liep je langs een cantinewagen waar je een koek en een blikje bier kreeg en toen op de wagens die ons naar een transit-camp in de buurt van Priok brachten waar we twee dagen gelegen hebben. 's Morgens om 10 uur waren we in het kamp, dat vlak naast een kampong ligt. Het kamp was tamelijk primitief ingericht, de hutten waren van bamboe, maar met een houten vloer die plusminus 30 cm boven de grond lag.
Zo gauw we een hut hadden, hebben we de hele uitrusting neergelegd, wachten uitgezet en de rest is een kijkje gaan nemen in de kampong. Stoelen, tafels, banken of bedden waren er niet, maar drinkwater was er ook niet, en dat was beroerder. Je moet hier zo'n 6 liter vocht per dag naar binnen werken, maar om te beginnen deden we het met een liter. Maar ja, daar is het een transit-camp voor.

In de kampong kon je al direct bananen en klappers kopen, en de jongens werden vies overvraagd en betaalden dan ook veel te veel. Ik heb maar tot de volgende dag gewacht met kopen en kreeg toen een flinke tros bananen voor 50 cent, wat op het ogenblik zo ongeveer de prijs is. Rijst heb ik nog steeds niet geproefd, maar dat kan ook haast niet, daar dit artikel ontzettend schaars en duur is, zodat er ook dagelijks inlanders langs de weg liggen te sterven van de honger. Een rotgezicht hoor, en je kunt er niets aan doen, want zelf krijgen we ook niet al teveel en het meeste geef je nog weg aan inlanders.
Dat is zo fijn, joh, als je ziet hoe dankbaar ze zijn voor een beetje eten of een sigaret. Toen wij hier kwamen, werd je door iedereen nagestaard. Ik denk dat de Canadezen net zo'n gevoel gehad hebben in Holland als wij nu hier, in het begin een rotgevoel, maar het went al gauw.
's Middags zijn we in Nieuw-Zandvoort op het strand bij Priok in zee wezen zwemmen.
Het zit hier vol met de zogenaamde Ghurka's, de Brits-Indiërs, een vuil volkje grotendeels, en het is te hopen, dat die gauw vertrekken want ze verpesten meer dan ze goedmaken en je moet voor die lui zowat nog harder uitkijken als voor extremisten. Enfin, ik zal later daar nog wel eens wat over vertellen.
's Avonds zochten we een zachte plank op, spreidden ons grondzeiltje uit, hingen de klamboe op en hebben heerlijk geslapen. De warmte valt wel mee, behalve 's middags van 1 tot 4 uur, want dan is het niet te harden, maar dan is het ook rusttijd voor ons.

Zaterdagmorgen zijn we uit Priok weer vertrokken naar hier. Je hebt hier een goede wasgelegenheid, wat veel waard is en ook stromend water. Hier in het kamp zitten ook veel Ambonezen, in een woord moordkerels, waar de Hollanders heel wat aan te danken hebben. Ze spreken heel zuiver Hollands, zelfs beter dan het gros van de Hollanders!
Hier kregen we echter al snel een rotmededeling te horen, namelijk dat ons hele bataljon uit elkaar gaat en als aanvulling voor andere onderdelen gebruikt gaat worden. Toch is daar ook een goede kant aan, want je komt nu bij troepen, die al heel wat ervaring in de tropen opgedaan hebben. De eerste groep is al vertrokken naar Bandoeng. 't Zal me benieuwen, waar ik nu terecht zal komen. Maassluizers heb ik nog niet gezien, wel heb ik gehoord dat Jan Bruning op Celebes zit.
Ik kan nu ook al aardig Maleis spreken, verstaan is echter moeilijker, maar dat zal ook wel gauw gaan.
Dat je hier toch altijd nog enigszins uit moet kijken wordt zojuist weer bewezen doordat er 2 pemoeda's en gisteren ook 3 gegrepen werden. (Pemoeda's: vrijheidsstrijders)



Zij zitten nu vooraan in het kamp, aan de vlaggestok vastgebonden. Toch is het hier over het algemeen veilig en overdag loop je dan ook ongewapend. De toestand is me hier hard meegevallen, ook al waait in Batavia op het postkantoor, het paleis van Sharir en op het station de rood-witte vlag.


Vlag van de Republiek Indonesia


Station te Batavia



Ik moet dadelijk nog even naar Batavia om een zwembroek te kopen, dat kost hier zo'n vijftien gulden, dus je begrijpt wel waar je salaris hier blijft. Een gewoon glaasje ijswater kost op de pasar (markt) nog 40 cent!

In dit kamp slapen we op een stenen vloer, die echter op den duur ook weer zacht wordt. Hoe is verder alles in Amsterdam? Nou Leen, ik ga stoppen want het is inmiddels half drie en knap heet. Tot schrijfs dus. Groet allen!
Je broer
Aad."


Eindelijk in Indonesië

posted by Astrid | 12:10 a.m.


7.9.02  

"A/b M.S. Ruys
Indische Oceaan
16-6-'46

Beste Leen,
't Is alweer zondag en tevens de laatste zondag aan boord van de Ruys, want we zullen a.s. woensdag of donderdag in Batavia arriveren. Het was eerst nog het plan om nog naar Colombo te gaan, maar om een of andere reden is dat niet doorgegaan. Ik hoop maar dat ze de post daarvan doorsturen naar Batavia, maar veel verwachtingen heb ik daar niet van, vooral door die burgeradressen.
We kwamen 5 juni in Port Saïd aan en passeerden daar tussen de pieren allereerst het standbeeld van De Lesseps, de ontwerper van het Suez-kanaal. Toen kwam de stad zelf en al gauw zagen we een gebouw van de KLM en even later een fabriek of filiaal van Philips, wat natuurlijk direct opviel. Verder nog het mooie strand met boulevard en de stad zelf, een echte Oosterse stad.



Zo gauw de schuit stil lag kwamen de Arabieren er bij met hun bootjes met koopwaar, de rode fez of tulband op hun hoofd. Ze verkochten allerlei leerwerk zoals portefeuilles, tassen, koffers, ploertendoders enz. en verder vruchten zoals bananen, katjangs en meloenen. Daar zagen we ook de eerste palmbomen en zijn natuurlijk uitgegleden over de bananenschillen. 's Morgens om 10 uur kwamen we daar aan en 's avonds om 7 uur, toen het al haast donker was vertrokken we weer door het Suezkanaal naar Suez, waar we de andere dag om 1 uur aankwamen. Daar is ook weer post van boord afgegaan en water ingenomen. Suez is een nog veel mooiere stad dan Port Saïd en ook veel moderner en tevens veel mooie standbeelden. In Suez lagen nog 3 Hollandse schepen, waaronder de "Tegelberg" en de "Johan de Witt", beiden met repatriërenden aan boord, op weg naar Holland. 's Avonds om 7 uur zijn we ook daarvandaan weer vertrokken en toen begon de grote reis. Eerst voer de Ruys vlak langs de Johan de Witt, waar men het Wilhelmus zong, toen wij langs kwamen. Daarna werd er van alles over en weer gebruld, doch we waren spoedig uit het gezicht verdwenen. In de Rode Zee en de Golf van Aden was het ontzettend heet (125 graden Fahrenheit in de schaduw), zodat je je wel kunt voorstellen dat we niet wisten waar we ons bergen moesten. 't Zweet liep dan ook met stralen langs je body en 't was haast onmogelijk om ook maar iets te doen. Toch werd er nog wel iets gedaan, namelijk touwtrekwedstrijden!



Toen we in de Indische Oceaan aankwamen begon het juist te stormen en stond er een flinke zee en alles was natuurlijk weer zeeziek. Ik heb er een dag last van gehad en toen was het gelukkig weer over. De golven sloegen over het promenadedek en ieder, die zich aan dek waagde werd dan ook strontnat. 't Is beroerd, dat het water zo zout is, want al je goed kleeft en plakt er van, en je mag je goed niet met zoet water wassen, want dat is er haast niet.
Eergisteren passeerden we een eiland, geheel begroeid met klapperbomen. Verder stond er een vuurtoren en enige huizen. Op het ogenblik is het weer knap heet en je kunt wel merken dat Neptunus snel aan boord zal komen (maw dat we de evenaar passeren), namelijk morgen.
We hebben hier van 9-12 uur en van 2-4.30 uur theorie over van alles en nog wat. Van de week hebben we theorie gehad van de dokter. Hij is de hele middag bezig geweest met het sexuele vraagstuk en de geslachtsziekten en die ook stuk voor stuk behandeld en er voor gewaarschuwd. Verder veel theorie over tropenhygiëne, Indische vruchten enz. enz.
Vrijdagavond hebben we een cabaret-avond gehad, gegeven door VII-3 R.I. en enige Javanen. Wat kunnen die lui prachtig spelen, man. De scheepskapitein maakt nu zijn laatste reis en daarom is er gisterenavond een zangavond georganiseerd met medewerking van de MARVA (die je anders heel niet gehoord hebt, want ze stonden de hele tijd te giechelen ipv hun bekken open te trekken).
Gisteren zijn we Colombo gepasseerd, het water is oud en muf en warm en daarom zullen we blij zijn als we weer eens een flinke frisse slok kunnen nemen in Batavia.
Aan boord is een bibliotheek met 200 boeken (voor 1600 man) en een cantine, waar kaakjes, jam, zeep e.d. te koop zijn.




Hoe gaat het met je studie en jezelf, Leen? Wanneer denk je klaar te zijn? Ik moet nu gaan stoppen, want m'n papier is bijna op. Schrijf als het kan eens gauw terug, want na dat briefje uit Maassluis heb ik nog steeds niets van je gehoord. Tot schrijfs.

Je broer, Aad."

posted by Astrid | 11:01 p.m.
 


Op 7 september is er in Roermond bij het Nationaal Indië-monument jaarlijks een herdenking van de gesneuvelde of vermiste militairen.
Ik vond er het volgende sprekende gedichtje over:
"Naar het monument

Hij is weer naar het monument gegaan
op een gratis kaartje naar Roermond
De auto moet hij laten staan
Hij is niet meer zo gezond

Hij herinnert zich daar al zijn maten
De warmte van het verre land
Hoe ze er voor 't eerst nasi aten
Hoe bang ze waren - dat schept een band

Na afloop drinkt hij een pils of twee
Zingt lachend de oude liedjes mee
Maar 's avonds zit hij stil voor de tv
Zijn vrouw vraagt - moet je niet wat eten?

Hij zegt: Henk is ook al overleden.
Indonesië was 'ons Indie' toen
Het werd beroofd en vertrapt door de Jap
Zij gingen er heen om die te verslaan

Verzeilden in opstand, in de bersiap
Argeloos, jong en onervaren
Vochten zij toch voor vrede in een land
Heet en vreemd en vol van gevaren

En daardoor nu aan hen verwant
Waar de bendes werden verdreven
Keerde het lachende leven terug
Orde en vrede hebben zij gegeven

Maar het vaderland werd stug
Zij kregen een lintje en nog iets:
Een erepoort en een nieuwe fiets
Maar de landgenoten wilden niet horen
Hoe Indonesië werd geboren

Was 't uit schaamte voor de koloniale tijd
De soldaten kregen heel alleen de schuld
Van de eeuwenlange strijd
Waarom werden zij in een boetekleed gehuld?

Maar zij wilden de kampongs bevrijden
En geen laffe wreedheid bovenal
Daar gingen zij juist tegen strijden
Velen vonden een tropengraf
Duizenden in getal
Vaak liggen er bloemen
Daar rusten ze allemaal
Naast Simon Spoor, hun generaal

Hij is weer naar het monument gegaan
Op een gratis kaartje naar Roermond
De auto moet hij laten staan
Hij is niet meer zo gezond."

uit: De Indische Pensloenbond

posted by Astrid | 3:41 p.m.
 

Vannacht, na de hutkofferinspectie, kwam ik thuis met een enorme hoeveelheid foto's, brieven, een kladblok waarin de notities van het notitieboekje waaruit ik hier al regelmatig een en ander geciteerd had, volledig uitgewerkt waren, een "Elementaire cursus Indonesië" ("Wij zijn trots op ons land. Laat Nederland ook trots op U kunnen zijn" staat er op de voorkant), een soort certificaat van de U-Brigade (als ik het goed begrepen heb zijn de "Zeeuwen en de "Haantjes" ooit samengevoegd tot U-brigade) waarop alle acties vermeld staan,ondertekend door kolonel Sluyter en majoor Spiering, een klein boekwerkje "Eigenschappen en Vechtwijze van den Japansche vijand" ("In het algemeen kan worden gezegd dat een Japanner alleen ongevaarlijk is als hij dood is." Ik citeer maar even wat...) stapels krantjes: "De Padang-Bode", de "Wapenbroeder", krantenknipsels, foto's van de Gereformeerde lectuurcommissie (man, man, man, wat die al niet opstuurden naar Indonesië: een hele fotoreportage van de begrafenis van een dominee, ik heb zo het idee dat die gasten daar niet echt op zaten te wachten, maar ja...)
Kortom: er valt een hoop uit te zoeken, qua materiaal. Eigenlijk heb ik een hele grote, lege tafel nodig, om alles op uit te kunnen zoeken, helaas is die in dit huishouden niet echt voorradig. Foto's van schietoefeningen op de Leusderheide en oefeningen met de Bren kwam ik ook nog tegen, jammer, te laat om ze nu nog te kunnen plaatsen. Stapels brieven heb ik laten liggen, het wordt anders veel te veel! Maar ondertussen zitten we met de briefwisseling nog steeds in Port Saïd, en zal ik morgen weer eens een brief citeren.

posted by Astrid | 1:56 a.m.


5.9.02  

Morgenavond ga ik letterlijk een duik in de oude doos nemen, in m'n ouderlijk huis staat nog een hutkoffer vol brieven, foto's en andere boeiende dingen. Ik ben benieuwd!

posted by Astrid | 12:03 a.m.


4.9.02  

Na de bevrijding van Nederland in mei 1945 kwamen onderduikers, knokploegen, koeriers, verzetsstrijders en gewezen officieren uit hun schuilplaatsen (soms zelfs kippenhokken) te voorschijn. Vanaf dat moment heerste er onder deze mannen een ideaal: meehelpen om de Japanners in Indië te bestrijden en daar orde en vrede te herstellen.
Prins Bernhard deed een dringend beroep, als algemeen legercommandant van Nederland, om zich in te zetten voor Nederlands-Indië.


Prins Bernhard, mei 1945

De Veluwers hadden weinig aansporing nodig en men meldde zich (in blauwe overalls met een oranje armband om) al snel bij de Jan van Schaffelaarkazerne in Ermelo, waar in snel tempo de "verbandakte" werd getekend.


Jan van Schaffelaarkazerne, Ermelo

In de loop van mei en juni 1945 kwam een volwaardig bataljon tot stand met Engelse Lee-Enfield-geweren, stens, karabijnen en afgedankte Engelse battle-dresses, compleet met baret, helm en soldatenkistjes en zelfs een "Soldier's Service and Pay Book".
De officiële oprichtingsdatum van het bataljon werd op 15 juni 1945 geregistreerd in 1-8 R.I. (Eerste bataljon Achtste Regiment Infanterie), als eerste vrijwilligersbataljon boven de grote rivieren.
Op 15 oktober 1945 vertrok de eerste lichting naar Indië.
(Met dank aan Gerben Visser.)

posted by Astrid | 11:57 p.m.
 

De vakantie zit er op, het beloofde gastenboek heb ik geplaatst, het boek van Gerben Visser heb ik uit: de hoogste tijd voor een stukje ontstaansgeschiedenis van het Veluwebataljon lijkt me.

posted by Astrid | 11:51 p.m.
OVW.jpg


Lees het gastenboek
Teken het gastenboek
archief
links
Who Links Here